Pestbeleid

Visie

Het pedagogisch project van onze school stelt duidelijk dat we binnen onze school de ruimte en sfeer willen scheppen waarin elk kind harmonisch kan openbloeien.
Zowel van het schoolteam als van de leerlingen verwachten we respect voor elkaar.

Jammer genoeg gaat het toch af en toe eens mis.
Daarom hebben we dit beleid opgesteld. Eerst en vooral willen we preventief werken door middel van goede afspraken en een open communicatie met alle betrokken partijen. Daarnaast vinden we het heel belangrijk om een leidraad te hebben om pestsituaties aan te kunnen pakken.

Pesten versus plagen

Wat is pesten?

Pesten is het herhaaldelijk en langdurig uitoefenen van geestelijk en/of lichamelijk geweld door één of meer personen met de bedoeling het slachtoffer te kwetsen, te benadelen of schade te berokkenen. Slachtoffers hebben in deze situatie weinig tot geen verweer (machtsonevenwicht). Pesten heeft vaak een sociale functie: het pestgedrag is betekenisvol voor de groep waarin het gebeurt: pestkoppen zijn op zoek naar populariteit en status. Hiervoor gaan ze een machtsspel aan met wie ‘zwakker’ staat. Vaak stopt het pesten als de groepssteun wegvalt. Pesten gebeurt op veel manieren: direct of indirect pesten, verbaal pestgedrag, cyberpesten.

De rollen in een pestsituatie.

Pesten versus plagen

plagen pesten
Onschuldig, met humor
Korte duur
1 tegen 1
Niet systematisch
Wisselend slachtoffer
Geen pijn/korte pijn/snel vergeten
Snel herstel
De groep blijft zichzelf
Doelbewust en gepland
Aanhouden en systematisch
Ongelijke strijd
1 tegen 1 of groepje
Doel = kwetsen
Vaak door dezelfde persoon
Moeilijk herstel
Groep verandert hierdoor

! Er moet een zone zijn waarin ruimte is voor plagerijen en ruzietjes. Want dit helpt kinderen om sociale vaardigheden te ontwikkelen. Maar systematisch en berekend eenzelfde kind viseren, pijn doen,… overstijgt de ruimte die er is voor ruzie maken. Deze plagerijen monden uit in pesten.

Preventie

Op school proberen we heel wat te doen om pesten te voorkomen en om een veilig en positief schoolklimaat te bekomen.
Werken aan een positief klas- en schoolklimaat
In elke klas werkt de leerkracht aan een goede en positieve klassfeer. Er wordt tijd vrijgemaakt voor klasgesprekken, kindcontacten, groepsbevorderende activiteiten,…  Ook op schoolniveau worden activiteiten georganiseerd om de sfeer te bevorderen. Hierdoor verbetert de relatie tussen de kinderen en de leerkrachten, maar ook tussen de kinderen onderling.
Doordat we een kleine school zijn, kennen veel leerlingen elkaar. Dit komt de sfeer op school en op de speelplaats ten goede.

Preventie op de speelplaats

De speelplaats is een ruimte waar kinderen zich volledig kunnen uitleven. We hebben een klim- en klauterspeeltuig, een sportveld,… Daarnaast zijn er ook een aantal plekken voor zien waar kinderen tot rust kunnen komen. Er zijn een aantal banken die uitnodigen tot gesprek, in de boomhut kan rustig een boek gelezen worden,…
Verder hebben we een speelhuisje met voldoende speelmateriaal. Ook bieden we speelkoffers met materialen aan die uitnodigen tot samenspel.
Om verveling op de speelplaats tegen te gaan, organiseren we op regelmatige basis activiteiten tijdens de middagpauze. (bijvoorbeeld: middagsport, schaaktornooi, wieltjesdag, muziek bij mooi weer,…)
Tijdens elke speeltijd zorgt de school voor actief toezicht. De leerkracht loopt rond en heseft oog voor wat er op de speelplaats gebeurt.

Sociale vaardigheden

Sociale vaardigheden…. Niet zo vanzelfsprekend!  
De kinderen brengen veel tijd door op school. Daarom trachten we een aangenaam schoolklimaat te creëren waarin fijn samenspelen en samenwerken voorop staat. Ook willen we dat elk kind zich veilig en begrepen voelt. Dit leergebied moet, net zoals de anderen, aangeleerd en ingeoefend worden.  
Naarmate de groep zich sociaal vaardiger gedraagt, verbetert de sfeer in de groep. Hierdoor stijgt het welbevinden en de betrokkenheid van iedereen.  
We hebben voor onze school een plan op maat gemaakt.  
Elk schooljaar behandelen we 3 thema’s van sociale vaardigheden. Er worden activiteiten georganiseerd in de klas als voor de hele school. Dankzij deze thema’s leren kinderen hoe ze op een goede manier met elkaar kunnen omgaan.

Anti-pestweek

Elk schooljaar wordt er in Vlaanderen een week tegen pesten georganiseerd. Deze vindt telkens plaats de week voor de krokusvakantie. Tijdens deze week proberen wij ‘samen tegen pesten’ in de kijker te zetten.

Aanpak pesten

stappenplan bij pesten

STAP 1:           De leerkracht ontdekt een pestsituatie of er komt een melding binnen van ouders.

STAP 2:           De leerkracht meldt tijdens een overleg aan alle collega’s dat er een melding is gekomen van een pestsituatie.
                        Daarnaast worden de ouders van het kind dat gepest wordt ingelicht indien zij nog niet op de hoogte zijn.

STAP 3:           Zowel leerkrachten als ouders houden de betrokken kinderen extra in de gaten om na te gaan hoe de pestsituatie in elkaar zit.

STAP 4:           Het schoolteam en de ouders van het kind dat gepest wordt ondernemen de nodige acties (zie no blame-methode)

STAP 5:           Indien deze acties niet voldoende blijken te zijn, wordt er contact opgenomen met externen (CLB).
                        Hierna worden er opnieuw acties ondernomen
 

No blame

Ondanks preventieve maatregelen kan je pesten nooit wegdenken. Wanneer er een vermoeden van pesten is, gebruiken we de ‘no blame’ methode. (In de 2de en 3de graad).
Zoals de Engelse naam reeds doet vermoeden, wordt de pester niet beschuldigd of gestraft. Hij/zij wordt wel betrokken bij een groepsgesprek waarbij een aantal kinderen de verantwoordelijkheid en de taak krijgen ervoor te zorgen dat het gepeste kind zich weer goed en veilig kan voelen in de klas en op school. De pester ervaart dan dat zijn gedrag niet gewaardeerd wordt door de groep en dat hij/zij niet langer kan rekenen op steun van de anderen. Wij kiezen voor deze methode omdat het bestraffen van pestgedrag nooit voor oplossingen op lange termijn zorgt. Wij gaan ervan uit dat kinderen die pesten ook zelf nood hebben aan ondersteuning en begeleiding zodat zijn zich ook weer goed kunnen voelen in de groep en niet in een spiraal van negatieve aandacht en straffen belanden.

Het proces van No Blame verloopt in 7 stappen:

Stap 1: Een leerkracht praat met het kind dat gepest wordt over zijn gevoelens en vraagt namen van wie er pest. Feiten zijn niet belangrijk. Het slachtoffer knutselt, tekent, schrijft vervolgens iets
             over zijn gevoelens.

Stap 2: De leerkracht brengt een zestal kinderen die pesten, meelopers, stille getuigen en ‘behulpzame leerlingen’ bij elkaar. Hij/zij vertegenwoordigt zelf het kind dat gepest wordt.

Stap 3: In een gesprek met deze groep legt de leerkracht uit wie zich slecht voelt in de klas en waarom dit zo is. Zijn/haar ellendige gevoel wordt concreet met het werkstukje, verslag uit stap 1.
             Details, feiten, beschuldigingen komen NIET aan bod.

Stap 4: De leerkracht benadrukt dat er geen straffen volgen. De groep is enkel bij elkaar om het probleem op te lossen. Zij zijn samen verantwoordelijk voor een beter gevoel bij het kind dat gepest
             wordt.

Stap 5: De groep formuleert voorstellen: iedereen doet dat in de ik-vorm. “Ik zal niets doen, ik zal hem/haar met rust laten” is ook een waardevol voorstel. Geen enkel idee komt van de leerkracht.

Stap 6: De groep voert in de volgende week de voorstellen uit.

Stap 7: Na een week spreekt de leraar opnieuw met elk kind, maar nu apart. Het kind dat gepest wordt komt eerst en vertelt hoe de week verlopen is. Als het pesten niet gestopt is, wordt een
             nieuwe groepsbijeenkomst gepland. Eventueel met een andere samenstelling.

Indien nodig vullen we de ‘No blame’ aanpak ook in de lagere school verder aan met gepaste groepsbevorderende activiteiten in samenwerking met het CLB.

 
Wat kan je als ouder doen...

... als jouw kind wordt gepest

  • Kies indien mogelijk een gepast gespreksmoment: tijd, plaats, rust.
  • Luister naar je kind.
  • Neem het verhaal ernstig.
  • Leg de schuld niet bij je kind. Toon begrip (voor het lange stilzwijgen, De emoties, de behoeften die het kind uitdrukt).
  • Maak duidelijk dat je achter je kind staat en dat je mee wil zoeken naar een oplossing. 
  • Prijs je kind omdat het heeft willen praten.
  • Wijs je kind op de noodzaak om met de school te praten en zoek samen naar de meest geschikte contactpersoon.
  • Bekijk samen wat je de school wilt meedelen en wat je van de school verwacht/niet verwacht.
  • Ga na bij wie het kind aansluiting kan zoeken (wie deed nooit mee met het pesten?)
  • Stimuleer andere contacten met leeftijdsgenoten (binnen en buiten de school).
  • Zoek een ‘back-up’ voor jezelf.
  • Richt je bij ernstige problemen tot de hulpverlening. Eventueel kan de school en het CLB hierbij helpen.

Als je kind heeft gepest

  • Kies een geschikt moment om met je kind in gesprek te gaan.
  • Zeg duidelijk waarom je een gesprek wilt.
  • Luister naar je kind! Pols naar het wat, hoe en waarom van het (mee-) pesten.
  • Keur het voorbije pestgedrag af en maak duidelijk dat je wilt dat je kind ermee stopt.
  • Wijs op het verschil tussen pesten en plagen.
  • Verduidelijk wat pesten teweeg brengt.
  • Vraag je kind om de schade te herstellen:
  • veilig stellen van het slachtoffer;
  • eventuele schade herstellen;
  • vertrouwen herwinnen van het slachtoffer, groep, school, …
  • Bekijk met de school hoe je de schoolaanpak van thuis uit kan steunen.
  • Blijf in gesprek met je kind/met de school.
  • Zoek zo nodig steun en hulp voor jezelf/je kind.

aanpak cyberpesten

school

De sociale media hebben zeker hun waarde, maar kunnen jammer genoeg ook negatief gebruikt worden. Wij bewaken het goed gebruik van internet op school. In de 3de graad worden er daarnaast ook lessen gegeven i.v.m. veilig gebruik van internet en sociale media. Ook wordt het onderwerp ‘cyberpesten’ opgenomen in het schooladoptieplan. De wijkagent zal de kinderen wijzen op de impact van cyberpesten en de gevaren van sociale media.
Maar we moeten ook hier samenwerken met de ouders van de kinderen. Daarom vragen we van de ouders om zelf controle te houden over hun gsm- en internetgebruik. Bepaalde handelingen (hacken, pesten of aanzetten tot pesten, bedreigen …) zijn strafbaar. De ouder is wettelijk mede verantwoordelijk voor deze gedragingen van zoon of dochter.
Wanneer ouders of kinderen toch naar school komen met een melding van cyberpesten (wat dan eerder buiten de school gebeurt), vragen we steeds bewijsmateriaal mee te nemen. We willen dit als school zeker en vast niet negeren en willen er dan ook verder mee aan de slag gaan. Zo kunnen we overgaan tot de aanpak van pesten zoals hierboven beschreven staat.
Om ouders hieromtrent meer te kunnen informeren, is het de bedoeling dat we binnen de scholengemeenschap tweejaarlijks een infoavond organiseren over cyberpesten. Ook binnen de school gaan we ervoor zorgen dat ICT en het juiste gebruik van internet een plaats krijgt in de klas.

Ouders

Als ouder kan je alvast enkele zaken doen om cyberpesten bij je kind te voorkomen. Deze staan hieronder beschreven:

  • Informeer je zelf over het gebruik en misbruik van internet en gsm bij kinderen. Wanneer je niet op de hoogte bent van wat wel en niet mag, kan je dit opzoeken op de websites die je achteraan dit beleid kan terugvinden.
  • Toon interesse voor de communicatievaardigheden van je kind. Weet waarmee je kind bezig is op de computer en op zijn/haar gsm. Ga af en toe eens naast je kind zitten of laat hem/haar vertellen waarmee hij/zij bezig is. Maak daarnaast ook duidelijke afspraken over wat wel en niet kan.
  • Stel je jezelf positief op wanneer het gaat over het gsm- en internetgebruik van uw kind. Zorg ervoor dat er een open gesprek kan plaatsvinden over wat binnenkomt en buitengaat via de verschillende online kanalen.
  • Bespreek concrete voorvallen, ervaringen of nieuwtjes en verken wat kan en niet kan. Ga samen op zoek naar gepaste manieren van omgaan en communiceren via gsm en internet.
  • Bekijk met je kind hoe hij/zij zaken kan beveiligen. Met andere woorden: ga samen op ontdekkingstocht en laat je kind dit niet alleen doen.
  • Elk schooljaar krijg je als ouder een folder mee van de Opvoedingswinkel. Hierin staan alle infoavonden vermeld, o.a. over pesten en cyberpesten. Je kan je hier als ouder steeds gratis voor inschrijven.
  • Op de laatste bladzijde van dit beleid kan je nog enkele websites en boeken vinden die je kan raadplegen als ouder voor extra informatie rond cyberpesten.